Onderzoek   Nieuwe Reflectie tabellen  


Amsterdam Airport Schiphol heeft haar terrein voor de
Aankomstpassage opnieuw ingericht. Het terrein bestaat uit perrons voor autoverkeer, taxi’s en hoogwaadig openbaarvervoer zoals de lange bussen van de Zuidtangent. Om de passagiers meer comfort te bieden heeft men er voor gekozen om de perrons te overkappen met speciaal voor Schiphol ontwikkelde glazen overkappingen.

De Kruijter heeft onderzocht of aanvullende verlichting onder deze overkapping noodzakelijk is of dat het ook zonder kan. Dat bespaart dan weer energie - en onderhoudskosten. Dit is onderzocht met behulp van een 3D model van het gehele terrein inclusief lichtmasten, armaturen en overkappingen en er vervolgens lichtberekeningen op los te laten. Randvoorwaarden waren de brekingsindex, de vervuiling en de spiegeling van het glas en de schaduwvorming van de constructie(s). Meer hierover vindt u op de pagina Visualisatie.

Lichthinder onderzoek

Voor het meten van lichthinder door openbare verlichting bestaan op dit moment nog geen specifieke richtlijnen. In samenwerking met  Spectrapartners hebben wij een onderzoek uitgevoerd  naar aanleiding van een bewonersklacht met betrekking tot lichthinder.

Ter plaatse van het object zijn de luxwaarden op de gevel gemeten en de lichtstroom van elk verlichtings-armatuur. Ook zijn de sluierluminanties van de omgeving en van de armaturen gemeten om zo te berekenen wat de verblindingswaarde zou zijn gezien  vanuit de woonkamer van de bewoners. Deze waarden zijn gemeten met een luminantiecamera die hier speciaal voor gecalibreerd is. Na afloop is hiervan een rapportage opgesteld met conclusies en aanbevelingen.

Centrale Zone


In opdracht van Rijkswaterstaat heeft ons bureau vergelijkend onderzoek uitgevoerd naar de toepassing van verschillende systemen voor de verlichting van de centrale zone van verkeerstunnels. Een veilige tunnel is voor alles een goed verlichte tunnel. Belangrijke aspecten voor de weggebruikers zijn een goede waarneming van andere voertuigen en objecten, goede visuele geleiding en een gevoel van veiligheid.

Het betreft een “pilot” studie in het kader van werkzaamheden aan de A2 (Leidsche Rijn), die tot doel heeft een vergelijkend inzicht te geven in de kwaliteitsaspecten van de hoofdverlichting. Tevens worden de verschillen in exploitatiekosten in kaart gebracht.

 

 

Dit project is geïnitieerd door een werkgroep van Rijkswaterstaat die zich richt op de betekenis van wegdekreflectie in het kader van openbare verlichting. De behoefte aan actuelere informatie over de reflecterende eigenschappen van wegdekken en de consequenties hiervan voor het ontwerpen van openbare verlichting is door de werkgroep vertaald in een bruikbare onderzoeksmethode waarvan dit rapport de resultaten presenteert. Het onderzoek is uitgevoerd in een samenwerkingsverband tussen vier onafhankelijke partijen.

Doelen van het onderzoek: actualiseren van onderzoekmethoden, actualiseren van de bestaande onderzoekgegevens die als basis dienen voor huidige ontwerpberekeningen, optimaliseren van verlichtingsontwerpen, besparing op beheerskosten en energiegebruik, bevordering van de verkeersveiligheid, beperking van de lichtvervuiling, aanscherpen van normen en richtlijnen.

Reflexing White



In opdracht van Janssen de Jong/Asfaltfabriek te Roermond heeft ons bureau de lichttechnische eigenschappen bepaald van een nieuw type steenslag voor de toepassing in de oppervlaktebehandeling van asfalt genaamd “Reflexing White”.

Het onderzoek maakt deel uit van een permanent zoeken naar asfaltbeton of slijtlagen die het licht beter reflecteren. Bij een gunstiger reflectie is minder verlichting nodig en zijn mensen en objecten beter zichtbaar. Over dit onderzoek is inmiddels rapport uitgebracht.

Onderdoorgangen

In opdracht van Amsterdam Airport Schiphol heeft ons bureau een studie uitgevoerd naar de problematiek rond de specifieke verlichtingsituatie van de onderdoorgangen in de RH weg en de tunnel onder de Kaagbaan. De situatie is door ons op locatie bekeken en beoordeeld, de luminanties en de luxwaarden in de overgangszones zijn gemeten, de lichtpunthoogtes van de toegepaste armaturen zijn bepaald en de weg - en geveloppervlakten in de omgeving met betrekking tot de reflectie - eigenschappen zijn bepaald.

Vervolgens zijn de gegevens geïnventariseerd en geanalyseerd. Om dat goed te kunnen doen zijn voor een aantal situaties ontwerp lichtberekeningen gemaakt. Vervolgens zijn de gegevens getoetst aan de geldende richtlijnen en aanbevelingen zoals 'Verlichting van tunnels en onderdoorgangen' van de NSVV.